En verder deze week….

1.             Belastingdienst stopt bij veel mensen voorlopige teruggave

De Belastingdienst heeft de voorlopige belastingteruggave van 124.000 mensen stopgezet. Zij kregen daar pas rond de jaarwisseling of zelfs medio januari een brief over. Het besluit scheelt deze mensen vaak honderden euro´s per maand.

Het aantal mensen dat in tegenstelling tot een jaar eerder zijn voorlopige teruggave geschrapt zag worden, lag dit jaar veel hoger dan de afgelopen jaren. In 2017, 2018 en 2019 schommelde het aantal mensen dat hun voorlopige teruggave kwijtraakte tussen de 79.200 en 81.900, aldus RTL Z.

De stijging naar 124.000 valt samen met het invoeren van een nieuwe richtlijn bij de fiscus, maar de Belastingdienst weet niet hoeveel mensen hun voorlopige teruggave kwijtraakten door de nieuwe regel en hoeveel van hen de teruggave sowieso zouden zijn kwijtgeraakt.

 2.             Consumenten hebben weer meer vertrouwen in de woningmarkt

 Het vertrouwen van consumenten in de koopwoningmarkt is in januari 2020 positief. Dit blijkt uit de marktindicator van vereniging Eigen Huis. Die indicator staat nu op 104. Een stand van 100 betekent een neutrale stemming.

Nederlanders hebben een positievere verwachting over de laagblijvende hypotheekrente ten opzichte van een half jaar geleden. Wel blijven ze negatief over hun kansen om in de huidige woningmarkt een huis te kunnen kopen. Ongewijzigd is de verwachting dat de huizenprijzen hoog zullen blijven. Al met al stijgt het woningmarktvertrouwen licht.

Inwoners van de grote steden hebben met een score van 99 punten een lager vertrouwen in de woningmarkt dan mensen in Noord-Nederland (106 punten). Koopstarters zien met een score van 103 punten hun kansen minder gunstig in dan doorstromers (110 punten). Alleenstaanden beoordelen kun kansen op de koopwoningmarkt met een score van 102 punten lager dan gezinnen met kinderen (108 punten).

 
3.             Grootste loonstijging in tien jaar tijd

De cao-lonen die recent bij bedrijven zijn afgesproken, zijn in januari met 3,4 procent gestegen ten opzichte van een jaar eerder. Volgens het CBS is dat de grootste stijging in de afgelopen tien jaar.

Bij de overheid stegen de cao-lonen in januari ook met 3,4 procent. Bij gesubsidieerde instellingen, zoals organisaties in de gezondheidszorg, stegen de lonen met 2,3 procent. In alle sectoren namen de cao-lonen vorige maand met 3,2 procent toe vergeleken met dezelfde maand een jaar eerder.

Waarschijnlijk zullen mensen de loonstijgingen dit jaar meer merken. Vorig jaar stegen prijzen van consumentengoederen flink door de btw-verhoging en de verhoging van de energiebelastingen. Afgelopen januari kwam de stijging van de consumentenprijzen, de zogeheten inflatie, uit op 1,8 procent. De dalende inflatie is vooral te danken aan de prijsontwikkeling van elektriciteit: in januari lag de stroomprijs 38,2 procent lager dan een jaar eerder.

 
4.             Bijna helft Nederlanders denkt nooit een huis te kunnen kopen
 
Bijna de helft (48 procent) van de Nederlandse huurders denkt nooit een huis te kunnen kopen. Voor de meeste huurders is sparen voor een koophuis geen prioriteit. Dat blijkt uit onderzoek van ING.

Van de 15 landen in het internationale onderzoek, gaven Nederlanders het vaakst aan niet te verwachten ooit een huis te kunnen kopen. Daarna volgen de Belgen (45 procent) en Duitsers (43 procent). In het zuiden en oosten van Europa zijn mensen positiever. In Spanje verwachtte slechts 17 procent nooit te kunnen kopen, en in Roemenië 21 procent. Het Europees gemiddelde was 38 procent.

Van de ondervraagde Nederlanders vindt 89 procent het belangrijker om voor andere dingen dan een koophuis te sparen, zoals voor hobby’s, reizen, het aflossen van studieschulden of het krijgen van kinderen. Het Nibud zag eerder in eigen onderzoek dat de hoogte van het inkomen ervoor zorgt dat huurders de stap naar een koopwoning niet makkelijk kunnen zetten. De hoogte van de hypotheek die zij kunnen afsluiten, sluit niet aan op het aanbod van betaalbare koopwoningen.

5.             Beleggen steeds populairder

Nu de spaarrente steeds verder zakt, zien banken dat online beleggen populairder wordt. Volgens de NOS zag de Rabobank het aantal beleggende klanten vorig jaar toenemen met 17 procent. Bij ASN Bank was dat 11 procent.

Niet alleen traditionele banken bieden de mogelijkheid om te beleggen. Met de komst van beleggingsapps wordt beleggen steeds toegankelijker. Die apps richten zich over het algemeen vooral op een jongere doelgroep. Bovendien is de instapdrempel laag: je kunt soms al voor een paar tientjes beginnen met beleggen.

Hoewel het door de lage spaarrente interessant kan zijn om te gaan beleggen, is sparen nog altijd de veiligste optie om geld achter de hand te hebben, aldus budgetinstituut Nibud. Dat  adviseert dan ook om alleen te beleggen met geld dat gemist kan worden. Daarnaast zou elk huishouden nog een buffer moeten hebben om direct onverwachte, grotere en noodzakelijke uitgaven te betalen als die zich voordoen.

6.             Ook Rabobank komt met negatieve spaarrente voor miljonairs

In navolging van andere banken, heft ook Rabobank een negatieve spaarrente van 0,5 procent bij een bedrag van boven de 1 miljoen euro. Voor particuliere klanten met een saldo onder 1 miljoen euro verandert er niets: zij krijgen nog 0,01 procent rente.

Het negatieve rentepercentage wordt geheven over het bedrag dat boven de 1 miljoen euro komt en de tarieven gelden per rekening. Volgens de Rabobank worden per 1 juli zo´n vierhonderd particuliere klanten geraakt door de wijziging.

Zakelijke klanten behouden voor bedragen tot en met 100.000 euro een rente van 0,01 procent. Tussen de 100.000 en 1 miljoen euro geldt een tarief van 0 procent. Boven de 1 miljoen euro moeten klanten 0,5 procent rente afdragen. Ook hier geldt de regeling per rekening. Volgens de bank zullen rond de 6.600 zakelijke klanten vanaf 1 mei te maken krijgen met de negatieve rente.

7.             Waterschapsheffingen stijgen sterk
 
De 21 waterschappen in Nederland verwachten dit jaar ruim 3 miljard euro aan heffingen te innen. Dat is 4,6 procent meer dan in 2019, de grootste stijging sinds de invoering van het huidige belastingstelsel in 2009.

Huishoudens betalen ruim drie kwart van de heffingen, wat neerkomt op 2,3 miljard euro. De rest komt voor rekening van boeren en bedrijven. De consument kan de aanslag voor de waterschapsbelasting een dezer dagen op de mat verwachten, samen met de WOZ-waardebepaling en de aanslag voor de OZB.Dit jaar hebben de waterschappen volgens het CBS 1,6 miljard euro, 5,2 procent meer dan vorig jaar, begroot voor de bescherming tegen hoogwater en wateroverlast en om te zorgen voor voldoende oppervlaktewater van goede kwaliteit.